Zwanenburgseweg 5
4306 NT Nieuwerkerk
Blessen betekent het markeren van bomen die verwijderd moeten worden. Op die manier kan een bos worden uitgedund om de overblijvende bomen meer ruimte te gunnen om te groeien.
Bleswerk is een secuur werkje. Het is belangrijk dat we niet lukraak bomen gaan markeren om te rooien. Dat zou ten koste gaan van de balans in het bos en de biodiversiteit. Daarom beschouwen we het blessen van bomen als onderdeel van duurzaam bosbeheer. Hierbij kijken we goed naar de groeiplaats en gezondheid van iedere boom. Dit vergt expertise.
Het blessen en verwijderen van bomen doen we in verschillende stappen:
Bij het blessen geeft de boomspecialist de boom een gekleurde markering.
Rode/oranje stippen, strepen of banden: weg te halen boom
Blauwe/witte markeringen: te behouden boom
Het kan ook voorkomen dat je bomen ziet met afwijkende markeringen. Er zijn verschillende markeringen om aan te geven dat een boom bijvoorbeeld geringd moet worden of na het vellen moet blijven liggen.
Natuurlijk is het niet altijd noodzakelijk om een bos uit te dunnen. In grote mate regelt de natuur zichzelf. Zieke bomen vallen vanzelf uit, zeker door de invloeden van het weer (aanhoudende droogte, bliksem of storm). Dit kan echter wel lang duren en ten koste gaan van de omliggende gezonde bomen. Vaak kiezen bosbeheerders ervoor om verzwakte bomen weg te halen om de rest meer ruimte te geven.
Een andere reden kan zijn dat de verhouding tussen boomsoorten niet naar wens is. Denk aan een overmatig aantal exotische boomsoorten ten opzichte van inheemse boomsoorten. Dit kan nadelig zijn voor de biodiversiteit. Het bos uitdunnen is dan een prima oplossing.
Nog een reden is de houtproductie. Er zijn zogenaamde productiebossen – ook in Nederland – en dikke, rechte bomen leveren het meeste hout op. De beste bomen worden behouden en de rest wordt gemarkeerd om te rooien, zodat de ‘beste bomen’ alle ruimte krijgen om te groeien. Bosbeheerders zoals Staatsbosbeheer werken met cycli om het blessen om de zoveel jaar te herhalen.